Biologische agentia

Wat zijn de risico’s?

Biologische agentia zijn levende organismen zoals schimmels, bacteriën en virussen. Deze komen overal voor, maar in de bouwnijverheid vooral in oude gebouwen, riolen, verontreinigde grond en grondwater en natte bagger. Ze zijn risicovol omdat ze een infectie, allergie of vergiftiging kunnen veroorzaken als ze in het menselijk lichaam komen. Dit laatste kan op verschillende manieren gebeuren:

  • Door inademing
  • Via de mond: tijdens eten, drinken en roken
  • Via de huid: denk bijvoorbeeld aan wondjes of een beet of steek
  • Via de ogen: door spatten.

De gevolgen van blootstelling aan biologische agentia zijn heel divers, afhankelijk van het type infectieziekte dat in het geding is. We noemen een aantal voorbeelden van mogelijke blootstellingsbronnen waarbij zonder toepassing van de juiste preventieve maatregelen een vergrote kans op infectie bestaat:

Dierlijke uitwerpselen en kadavers

  • Vooral verlaten of verwaarloosde gebouwen kunnen vol zitten met vogelpoep, vlooien of rattenuitwerpselen die een bron zijn van infectieziekten.
  • Bij sloopwerk, ondergrondse werkzaamheden, verbouwingen en onderhoudswerk kunnen dode dieren worden aangetroffen. Deze zijn vaak een broedplaats voor bacteriën en virussen.

Afvalwater

  • In afvalwater kunnen de virussen Hepatitis B en C voorkomen.
  • Ook COVID-19 en andere infectieziekten kunnen hierin worden aangetroffen.

Natte of vochtige bouwmaterialen

  • In vochtige bouwmaterialen zoals hout, gipsplaten of isolatie kunnen ziekteverwekkende schimmels aanwezig zijn.
  • Dat geldt ook voor badkamers en keuken in bewoonde woningen.

Stilstaand en vervuild water

  • Water dat vervuild is door bijvoorbeeld een breuk in de riolering, kan onder meer de bacteriënfamilies Escherichia coli (E. coli) en Leptospira bevatten.
  • In stilstaand water in bijvoorbeeld leidingen en slangen kan de legionellabacterie voorkomen.

Schoonmaken van zwaar vervuilde woningen

  • Het verwijderen van oude natte beschimmelde kranten, uitwerpselen en dergelijke kan een infectie opleveren.
  • Er kunnen drugsspuiten liggen waardoor het mogelijk is geprikt te worden.


Welke preventieve maatregelen zijn vereist?

Een infectieziekte kan grote gevolgen hebben die soms blijvend of levensbedreigend zijn. Het is daarom belangrijk maatregelen te nemen om blootstelling en besmetting te voorkomen. Dit moet volgens de wet gebeuren in de hieronder aangegeven volgorde. Voor werkgevers zijn dit actiepunten waar zij zelf mee aan de slag moeten. Voor opdrachtgevers zijn het checkpunten waarop zij horen te controleren: hebben alle betrokken werkgevers en zelfstandigen ze goed geregeld?

Voorkomen of beperken bij de bron

  • Zorg voor een inventarisatie van de werkzaamheden waarbij werknemers mogelijk in contact kunnen komen met biologische agentia.
  • Voorkom blootstelling aan biologische agentia zo veel mogelijk door vervuilde locaties voorafgaand aan de werkzaamheden te (laten) reinigen.
  • Zorg dat werknemers niet onnodig in contact komen met afvalwater en water waarin bacteriën zich hebben kunnen vermenigvuldigen. Vang dit op en voer het af, zodat het zich niet over de bouwplaats of werklocatie kan verspreiden.

Maatregelen voor collectieve bescherming

  • Reinig na werkzaamheden waarbij blootstelling kan plaatsvinden al het hiervoor gebruikte gereedschap.
  • Zorg voor goede sanitaire voorzieningen zoals wasgelegenheid, zeep, oogdouches en desinfectiemiddel voor de huid.
  • Zorg voor doorspoelen van slangen die langere tijd in de zon hebben gelegen om legionellabesmetting te voorkomen.

Maatregelen voor individuele bescherming

  • Verbied roken, eten en drinken tijdens werkzaamheden waarbij blootstelling aan biologische agentia kan optreden.
  • Laat werknemers die dit werk doen na afloop steeds grondig hun handen wassen, zodat zij zichzelf en anderen niet langs deze weg kunnen besmetten.
  • Overleg met de bedrijfsarts over de noodzaak en mogelijkheden om werknemers preventief te laten vaccineren (bijvoorbeeld tegen Hepatitis B).

Persoonlijke beschermingsmiddelen

  • Zorg voor goede werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen, zoals handschoenen en adembescherming, die zijn afgestemd op het soort biologische agentia dat bij de werkzaamheden te verwachten is.
  • Reinig persoonlijke beschermingsmiddelen na gebruik zorgvuldig.
    • Laat werknemers hun werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen na het werk direct uitdoen en doe deze in afgesloten zakken.
    • Breng de zo verzamelde werkkleding en persoonlijke beschermingsmiddelen weg voor reiniging door een speciaal ingerichte wasserij of vernietiging.


Wat moet er nog meer gebeuren? 

Voorlichting en toezicht
Werknemers kunnen de preventieve maatregelen alleen correct toepassen en respecteren als ze weten wat de risico’s bij contact met biologische agentia zijn en welke maatregelen ertegen zijn genomen. Hiervoor is voorlichting nodig. Ook is het zaak de kennis regelmatig op te frissen.

Verder is van groot belang dat iedereen weet wat hij moet doen als er ondanks alle preventieve maatregelen toch (mogelijke) blootstelling is geweest. En ook wat er moet gebeuren als werknemers met ziekteverschijnselen te maken krijgen die op een infectie kunnen wijzen. Bij diverse infectieziekten kan het cruciaal zijn om in dit soort situaties direct een medische behandeling te starten.

Om zeker te stellen dat iedereen zich aan alle maatregelen houdt, moet er ook toezicht zijn. Dit betekent dat leidinggevenden erop letten dat iedereen de afspraken naleeft. En dat zij mensen die dit niet doen corrigeren.

Monitoren gezondheidsklachten
Het is ook zaak om te controleren of alle preventieve maatregelen voldoende effectief zijn. Dit moet gebeuren door via gezondheidsonderzoek te (laten) monitoren of er gezondheidsklachten zijn die mogelijk verband houden met contact met biologische agentia.

  • Deze monitoring vraagt om passende afspraken met een bedrijfsarts of arbodienst.
  • De meest logische oplossing is om op klachten te letten bij uitvoering van het wettelijk verplichte periodieke arbeidsgezondheidsonderzoek (PAGO) of preventief medisch onderzoek (PMO).


Wat zijn verder nog zaken om rekening mee te houden?

Sla afval van biologische materialen op in goed afgesloten en geëtiketteerde containers en zorg voor een veilige opslagomgeving. Voer regelmatig inspecties uit en wees alert op tekenen van blootstelling en besmetting.

Controlepunten biologische agentia: is de aanpak afdoende?

Wil of moet je zekerstellen dat een aanpak voor biologische agentia effectief is en aan de wettelijke voorschriften voldoet? Check deze dan op de volgende punten:

  • Is in kaart gebracht met welke biologische agentia werknemers in contact kunnen komen en bij welke werkzaamheden dit kan gebeuren?
  • Worden de juiste preventieve maatregelen genomen, in de volgorde die de wet voorschrijft?
  • Hebben alle betrokkenen voorlichting en instructie gekregen?
  • Is hierbij ook aandacht voor wat werknemers moeten doen in gevallen waarbij er mogelijk toch blootstelling of infectie is geweest?
  • Is er toezicht op het naleven van alle maatregelen?

Deze controlepunten zijn ook opgenomen in de Centrale Checklist Werkplekinspectie voor bouw, onderhoud en beheer. Hiermee controleer je systematisch of aan álle risico’s passende maatregelen zijn gekoppeld.

Download Centrale Checklist Werkplekinspectie

Disclaimer

De webpagina's in de Arbo Portal bevatten algemene informatie over de Arbowetgeving en zijn bedoeld ter ondersteuning van bewustwording en kennisdeling. Ze bieden geen juridisch advies. De inhoud is zorgvuldig samengesteld, maar we kunnen niet garanderen dat deze volledig, up-to-date of toepasbaar is op elke specifieke situatie. Gebruik ervan is op eigen risico. Voor professioneel advies of bij twijfel over de toepassing van wet- en regelgeving, raden we aan contact op te nemen met een juridisch specialist. Wij aanvaarden geen aansprakelijkheid voor schade die voortvloeit uit het gebruik van deze informatie.